|
Het Walter Mitty-syndroom
Kent u het Walter Mitty-syndroom? Walter Mitty, ooit verzonnen door de Amerikaanse schrijver James Thurber, was een brave, saaie huisvader. Maar niet in zijn vele dagdromen.
In de ene dagdroom is hij een briljante hersenchirurg die onder de grootste druk de meest gecompliceerde operaties tot een goed einde brengt. En zweten doet hij niet, nooit, ook niet als hij in een andere dagdroom in een vliegtuig zit dat in een zeer zware storm terechtkomt. De piloot weet niet wat te doen, raakt vol-ledig in paniek, maar Walter neemt zijn plaats in en zet het toestel keurig aan de grond. Voor zover ik weet, hebben alleen mannen last van het Walter Mitty-syndroom. Ik kan me eigen-lijk niet voorstellen dat een vrouw naar, pakweg, de wedstrijd Nederland-Duitsland zit te kijken en plotseling dagdroomt dat niet Ruud van Nistelrooy maar zij in de spits staat en in de 89e minuut via een ongelooflijk fraai stiftballetje het win-nende doelpunt scoort, waarna ze laconiek zegt: "Ach, iemand moest het doen." Wij mannen scoren dit soort doelpunten keer op keer. Ik vrees dat het in ons DNA zit. Ja, het leven van een man is vaak ongelooflijk spannend, ware helden zijn we, in onze dagdromen althans. Zo heb ik de afgelopen tijd onder meer het Concertgebouworkest gedirigeerd omdat dirigent Mariss Jansons vlak voor de uitvoering getroffen werd door een voedselvergiftiging en, ach, eigenlijk viel het best mee om zonder kennis van de partituur de Derde van Mahler te dirigeren. Nog diezelfde week schreef ik een filmscript voor mijn goede vriend Steven Spielberg en nam ik mijn welverdiende Oscar in ontvangst met een kort, vriendelijk knikje. Een vriend van mij heeft er minder last van, maar toch, elk jaar als het weer lente wordt, wint hij als wielrenner minstens één voorjaarsklassieker en bovendien heeft hij sinds kort een verhouding met Carice van Houten. Ja, het is zielig, en dom, en bovenal ongeneeslijk. AI die avonturen zitten in onze hoofden, godzijdank goed ver-borgen voor onze vrouwen. En nu moet ik echt stoppen met deze column, want over een uur moet ik de voltallige Verenigde Naties toespreken en ik heb nog niets op papier staan. Wat niet erg is, want zoiets, dat doe ik doorgaans uit mijn hoofd. Heel irritant trouwens dat nou net op zo'n moment mijn vrouw m'n werkkamer binnenkomt en vraagt: "Als je zo meteen naar de C1000 gaat, kun je dan ook een rol keukenpapier meebrengen?"
|